| Shad Power |
|
| Geschreven door Ingmar Boersma |
| maandag 24 mei 2010 10:01 |
|
Toegegeven, er zijn momenteel al krankzinnig veel soorten en maten shads op de markt, maar toch. Toen ik echter het boek opende en alleen nog maar de inhoudsopgave las, moest ik eerlijkheidshalve concluderen dat je naast die verschillende soorten shads ook nogal wat technieken hebt om die soorten shads te gebruiken. Dat moet Henk ook ongeveer gedacht hebben toen hij begon aan dit boek over plastic kunstaas. Veel hoofdstukken met technieken Er staan zoals gezegd veel verschillende technieken beschreven in dit boek. Wie denkt dat je alleen maar shads hebt om ermee te verticalen, moet sowieso dit boek al eens kopen, al was het maar om wijzer te worden. Henk begint met het trollend vissen met rubber te beschrijven en eigenlijk viel me dat hoofdstuk qua informatie voorziening wat tegen. Niet veel nieuws en het is ook niet echt een lang verhaal. Een verbijzondering van het trollen bespreekt hij in het volgende hoofdstuk wat over Speed Trollen gaat. Zeg maar het snel varend trollen. Daarmee lijkt het zo te zijn dat je de hele materie hebt gehad, gewoon snel varen en je bent aan het speed trollen, maar hier ontdek ik nog wel wat aardigheden over materiaal adviezen, slip instelling en de snelheid van de boot. Ik dacht dat je speed trolde met een kilometer of 7, maar Henk vindt het pas Speedy als je tussen de 10 en de 15 gaat. En ik altijd maar aan mijn vismaten vertellen dat we die snelheid in de tropen tijdens het big gamen aanhouden…. In het dressuur hoofdstuk komen enkele voorbeelden aan bod die je op weg kunnen helpen bij dressuur wateren. Ook hier is de boodschap: “Probeer het eens anders” niet echt vernieuwend, maar het hoort er wel bij in dit boek denk ik. Wat ik met Henk’s verhaal over zijn voormalige duiven hobby en zijn uitleg met conditionering moet begrijp ik in relatie met vissen niet zo goed. Ja, ik snap het wel, maar er komt mijns inziens geen uitleg hoe het werkt in de visserij, tenminste niet als je het afzet tegen het lange verhaal over zijn duiven die hij zo snel mogelijk in het hok terug wilde krijgen door conditionering en beloning. Hoe ik dat tijdens het vissen moet toepassen wordt mijns inziens wat onder belicht. Vervolgens volgt een hoofdstuk over backtrollen en diagonalen. Een manier die lang niet door iedereen beoefend wordt en die daarmee best eens interessant zou kunnen zijn. Nuttig dan ook om deze beschreven te hebben in dit boek. En dan…… Dan volgt een hoofdstuk met de titel: “Wat is goed vangend rubber?” Dé vraag waarop iedere visser natuurlijk een antwoord wil hebben. Henk begint met te vertellen dat hij veel kunstaas heeft, maar dat hij met slechts enkele modellen doorlopend goed vangt. Ik ga rechtop zitten, want hier houd ik van. Nu komt het, een paar soorten noemen, beschrijven hoe ze werken en waarvoor ze zijn en…… Helaas. Wederom volgt zoals zo vaak een opsomming een lijst met namen, variaties, staartsoorten, gewichten, kleuren, formaten, ppppfffffff……… Dropshotten en meer Natuurlijk mag de techniek van het verticaal vissen niet ontbreken, maar als ik de volgorde van het boek aanhoud, komt eerst het redelijk nieuwerwetse dropshotten aan bod. Echt een geweldig hoofdstuk, waarin Henk zoals in zijn voorwoord aangekondigd, wat meer de diepte in gaat. Nuttige info over haaksoorten, verschillende loodjes en waar en wanneer en vooral hoe je deze moet gebruiken. Ook een duidelijk plaatje van de knoop waarmee je de haak aan je onderlijn monteert, ontbreekt niet. Hierna volgt een hoofdstuk over kleuren van het kunstaas. Nee, Henk gaat ons, althans niet zonder enige twijfel en eigen invulling van iedereen achter te laten, niet exact vertellen welke kleuren goed zijn en welke niet. Aan één kant jammer, maar het geweldige vind ik dat hij juist durft aan te geven dat je het gewoon niet weet. Is het de ene dag een natuurlijke kleur, de volgende kan het een fluor kleur zijn die de vis in de boot of aan de kant brengt. Dan volgen twee hoofdstukken over werpend vissen. Eerst vertelt Henk Simonsz over de materialen die je daarvoor nodig hebt, met hierin nuttige wenken en zijn inzichten op dit gebied. Daarop volgt de beschrijving van de techniek van het werpen. Dit komt aan bod op verschillende watertypen en zowel vanaf de kant als uit de boot. Hij vertelt bijvoorbeeld hoe en waarom je een taluud van diep naar ondiep en van ondiep naar diep moet afvissen. Dan volgt een hoofdstuk over ontwikkelingen en trends waarin Henk vertelt over zijn nieuw ontworpen boot en zijn mening geeft over diverse zaken aangaande de sportvisserij in het algemeen. In relatie tot het boek en ook tot de wijze waarop Henk de hengelsport benadert, kan ik dit hoofdstuk niet zo goed combineren. Enerzijds schrijft Henk in dit hoofdstuk dat het niet in de eerste plaats om het scoren van grote vissen gaat, maar ook om de beleving en de natuur. Hij houdt een pleidooi voor meer “low profile” vissen met minder en goedkoper materiaal. Anderzijds barst het boek her en der van de opsommingen aan materialen en is vergeven van de (overigens mooie) foto’s van grote vissen. In het hoofdstuk er direct na over Combishotten spreekt Henk over een trip naar Zweden waarin hij niet minder dan 17 (!) hengels in de boot had om e.e.a. uit te proberen…… Ook een paar stalen roosters om de boot op een strand mogelijk makkelijker te kunnen traileren ontbraken niet in de uitrusting. Hoezo low profile? Combishotten, verticalen en montages In het hoofdstuk Combishotten bespreekt Henk een variant op het dropshot vissen. Een nieuwe techniek, waarvan ik me, na het lezen van dit hoofdstuk overigens wel oprecht afvraag hoe nieuw het daadwerkelijk is. Om te beginnen is het hoofdstuk 16 pagina’s lang, inclusief een rijkelijke hoeveelheid grote foto’s, waarvan de eerste tien nodig zijn om tot de kern van de zaak te komen. Die kern wordt vervolgens heel rap gepresenteerd, waardoor mij de in het voorwoord beloofde diepgang ontgaat. In het volgende hoofdstuk gaat Henk kort in op geur- en smaakstoffen aangebracht op shads. Heel eerlijk geeft hij aan dat niets te bewijzen valt en dat hij er in bepaalde gevallen wel, maar meestal geen meerwaarde in ziet. Heel aardig vind ik het deel over bijzondere montages voor bijzondere omstandigheden. Hierin staat geen wereldschokkend nieuws, maar het hoort er wel bij in dit boek. Wiervrije shads, shads die ongehinderd over de bodem kunnen huppelen zonder direct vast te lopen, het heeft mij in elk geval weer op wat ideeën gebracht. Tenslotte het hoofdstuk over verticalen, hét onderwerp waar de meesten aan denken als je het woord shad noemt. Dit vind ik echt een goed hoofdstuk. In eerste instantie vreesde ik het ergste omdat het start met een hele verhandeling over waar je zoal wanneer de vis kunt verwachten en wanneer niet, inclusief een vergelijkend waren onderzoek m.b.t. spreeuwen. Daarna gaat het helemaal goed komen met inzichten over beweeglijkheid, evenwicht in je montage en uitleg over hoe en waarom m.b.t. lijnen en hengels. Conclusie en informatie Het boek gelezen hebbende vind ik het een mooi boek, sowieso qua vormgeving en fotografie. Ook de leesbaarheid is prima. De inhoud vind ik per hoofdstuk eerlijk gezegd nogal wisselend. Er zijn hoofdstukken die mij niets brengen, maar ook delen waaruit ik prima informatie haal. Kortom: Een leuk en goed boek, maar de aankondigings zin dat met dit boek “echt de diepte in gegaan wordt” past er mijns inziens onvoldoende bij. Niettemin een aanwinst die de aankoop van € 29,95 waard is. Het boek is te koop bij Publishing House, 0314 – 340150 of via www.hengelsporthuis.com Ingmar Boersma |



